Bronislava Nijinska werd in 1791 in Minsk geboren als de
oudere zuster van de wereldberoemde danser Vaslav Nijinksy. Hun Poolse ouders
waren ook dansers en van jongsaf aan trad ze op.
Een
derde broer was Stanislav.
Net
als haar broer bezocht ze de Imperial balletschoot en ze volgde haar broer met
het Ballet Russes naar het buitenland.

Hoewel ze dolgraag de prinses wilde dansen, kreeg ze door
haar uiterlijk meestal karakterrollen te dansen zoals hieronder in Petroesjka.
Eenmaal mocht ze de prinses dansen, maar nadat een meisje in het publiek riep
dat ze bang was voor de heks, kreeg ze die rol nooit meer.

Terwijl haar broer Vaslav in 1913 met Mimi Rambert aan Sacre
werkte, raakte Bronia zwanger van haar recente echtgenoot Kotchetovsky. (Ze
waren in Londen getrouwd en Diaghilev had de bruid weggegeven en de ringen
gekocht.) Zij zou met haar broer en Tamara Karsavina de hoofdrollen dansen, dus
Vaslav was woedend.
Zij ging met haar man en haar moeder naar Sint Petersburg om
de baby af te wachten, terwijl haar broer naar Amerika vertrok, en met Romola
huwde. Dat laatste zou waarschijnlijk nooit gebeurd zijn als ze wel aan boord
was geweest, of haar moeder, Tamara Karsavina of Diaghilev zelf. Romola maakte
gebruik van zijn eenzaamheid.
Vaslav werd ontslagen en richtte zijn eigen gezelschap op.
Diaghilev huurde Fokine weer in als nieuwe choreograaf en deze wilde enkel
komen als ondermeer Bronia ontslagen werd. Hier ging Diaghilev niet op in, al
zegde hij wel toe dat de choreografieen van Nijinsky van het repertoire zouden
verdwijnen.
Bronia kreeg in oktober een dochter Irina en keerde terug
naar Diaghilev.
Niet veel later vertrok ze echter toch met haar man om het
nieuwe gezelschap van haar broer te versterken. Zijn seizoen in Londen kwam
echter tot een spoedig einde omdat hij ziek werd.

In 1921 stuurde Diaghilev Nuvel naar Bronia om haar te polsen
over een terugkeer bij het Ballet Russe. Ze kwam en mocht meteen aan het werk
als choreograaf bij gedeeltes uit Sleeping Beauty.
Ze danste zelf ook mee, eenmaal zelfs als Aurora zelf, maar
toen iemand uit het publiek riep dat het de heks was, deed ze dat nimmer meer.
Daarna deed ze balletten als Les Noces, Les Biches,
Les Facheux, La nuit en Le Train bleu, waarin Dolin
schitterde, tot jaloezie van Lifar.
In 1924 huwde ze in Berlijn met Singayevsky. Kochno en Dolin
waren haar getuigen.
Inmiddels had Diaghilev Balanchine ontdekt, Bronia was zeer
tegen de komst van deze jongeman en omdat ze ook al gefrustreerd was over het
feit dat Diaghilev zijn nieuwe vriendje Lifar een choreografie
wilde laten maken, nam ze boos ontslag. Ze ging voor Ida Rubinstein werken.
Later werkte ze ook bij het Royal Ballet om haar eigen meesterwerken Les
Noces en Les Biches opnieuw uit te voeren.
Bronia schreef een autobiografie (samen met haar dochter) en
stierf in 1972.